Menno Wigman: De droefenis van copyrettes

Ergens vechten nagels om een vacht

Ik zie, aldus Menno Wigman, dat een groot thema in mijn poëzie al een tijdje aan het afvallen is: dat is de liefde. De grote dichter Rilke zei al: Niets is al zo moeilijk als het schrijven van geslaagd liefdesgedicht. ‘Vanochtend bij de tandarts aan je kont gedacht.

(32 minuten).

Bio
Menno Wigman wordt gezien als een exponent van de jonge, nieuw romantiek. Hij is duidelijk beïnvloed door de decadente dichters van het fin de siècle en zijn gedichten zijn doorspekt met melancholie, muziek en liefde. Sinds hij in 1997 debuteerde met ‘s Zomers stinken alle steden waarderen lezers en critici vooral het muzikale ritme en het schijnbare gemak van zijn gedichten. De vorm is onnadrukkelijk, de toon losjes, de onderwerpen gewoon en begrijpelijk, maar met verborgen angels en cynisme. Voor zijn tweede bundel werd hij bekroond met de Jan Campert-prijs. Hij is niet alleen bekend van podium-optredens bij een breed publiek, ook publiceerde hij aan de lopende band vertalingen en bloemlezingen. Het fin de siècle is bij hem nooit ver weg. Hij schrijft over hittegolven, onrust, een ‘diarree van liefdes’, hij is gul met uitroeptekens, demonstreert een afkeer van natuurlyriek en religieuze poëzie en bekijkt zijn eigen generatie met afstand, alsof ook die generatie al een eeuw geleden is. Dichters, vindt hij, moeten hun tranen opeten. (Bron KB)